ā Naar de app Ā· Over Schaakmaatje Ā· Schaakregels Ā· Contact
Alle schaaklessen
49 lessen in 15 werelden, in de volgorde waarin een kind ze tegenkomt. Bij elke les staat wat je kind erna kan. Van het bord leren kennen tot het eindspel. En schaakmat komt pas in wereld tien, want daarvoor moet je eerst weten hoe de stukken lopen.
Wereld 0: De Weide
Hier leer je het bord kennen. Ā· vanaf 3 jaar
Licht en donker
Je kind ziet dat het bord om en om licht en donker is.
Rijen en lijnen
Je kind herkent een rij (opzij) en een lijn (omhoog).
Wit rechtsonder
Je kind legt het bord goed neer: rechtsonder hoort een licht veld.
Minispel: vind het veld
Wereld 1: Torenburcht
Hier woont de toren. Die loopt kaarsrecht. Ā· vanaf 3 jaar
De toren loopt recht
Je kind weet dat de toren recht loopt, zo ver hij wil.
Niet door stukken heen
Je kind ziet dat de toren stopt voor een eigen stuk.
Pak dat stuk
Je kind slaat een vijandelijk stuk met de toren.
Minispel: torenjacht
Wereld 2: Loperbos
De loper glijdt schuin door het bos. Ā· vanaf 3 jaar
De loper gaat schuin
Je kind weet dat de loper alleen schuin loopt.
Altijd dezelfde kleur
Je kind ziet dat een loper nooit van veldkleur wisselt.
Schuin slaan
Je kind slaat met de loper over een diagonaal.
Minispel: vang de vlag
Wereld 3: Damepaleis
De dame kan alles. Bijna. Ā· vanaf 5 jaar
Recht Ʃn schuin
Je kind ziet dat de dame de toren en de loper bij elkaar is.
De dame stopt ook
Je kind weet dat ook de dame niet door stukken heen kan.
Pas op met je dame
Je kind begrijpt dat de dame kostbaar is en niet zomaar te grabbel ligt.
Minispel: dame doolhof
Wereld 4: Paardenstal
Mijn eigen wereld! Ik spring in een L. Ā· vanaf 5 jaar
Ik spring in een L
Je kind kent de L-sprong van het paard.
Over de heg
Je kind weet dat alleen het paard over stukken heen springt.
Hongerig paardje
Je kind plant meerdere paardensprongen achter elkaar.
Paardensprong-parcours
Je kind loopt met het paard naar een doelveld.
Minispel: hongerig paardje
Wereld 5: Koningskasteel
De koning is de baas, maar hij loopt langzaam. Ā· vanaf 6 jaar
EƩn stapje tegelijk
Je kind weet dat de koning ƩƩn veld per zet gaat, alle kanten op.
De koning pakt ook
Je kind slaat met de koning een stuk dat ernaast staat.
Koningen blijven van elkaar af
Je kind weet dat twee koningen nooit naast elkaar mogen staan.
Minispel: koningsloop
Wereld 6: Pionnenveld
Klein maar dapper. En hij kan dame worden! Ā· vanaf 6 jaar
Altijd vooruit
Je kind weet dat de pion ƩƩn veld vooruit loopt en nooit terug.
De eerste keer twee
Je kind kent de dubbelstap vanaf de startrij.
Lopen is niet slaan
Je kind weet dat de pion recht loopt maar schuin slaat.
Pion wordt dame
Je kind promoveert een pion op de overkant.
In het voorbijgaan
Je kind slaat een pion en passant.
Zet het bord op
Je kind zet alle stukken op hun juiste plek en weet dat de dame op haar eigen kleur staat.
Minispel: pionnenspel
Wereld 7: Waardevallei
Hier leer je wat de stukken waard zijn. Ā· vanaf 6 jaar
Wat is een stuk waard?
Je kind kent de waarde van de stukken en weet welke het duurst is.
Pak wat gratis is
Je kind ziet welk stuk het meeste oplevert en pakt dat.
Ruilen doe je zo
Je kind begrijpt wanneer een ruil goed uitpakt en wanneer niet.
Minispel: weegschaal
Wereld 8: Aanvalsberg
Hier leer je zien wanneer je stuk gevaar loopt. Ā· vanaf 7 jaar
Staat mijn stuk te pakken?
Je kind ziet welk van zijn stukken door de tegenstander wordt aangevallen.
Manier ƩƩn: weglopen
Je kind zet een aangevallen stuk op een veilig veld.
Manier twee: sla de aanvaller
Je kind lost een dreiging op door het aanvallende stuk te slaan.
Manier drie: dekken
Je kind zet er een tweede stuk achter, zodat slaan een ruil wordt.
Minispel: red je stuk
Wereld 9: Schaakmeer
Pas op de koning! Hier leer je schaak. Ā· vanaf 7 jaar
Wat is schaak?
Je kind herkent wanneer een koning wordt aangevallen.
Geef zelf schaak
Je kind vindt een zet die de vijandelijke koning aanvalt.
Uit schaak: drie manieren
Je kind haalt de koning uit schaak, op alle drie de manieren.
Minispel: schaak alarm
Wereld 10: Matklif
Schaakmat! Hier win je de partij. Ā· vanaf 8 jaar
Wat is schaakmat?
Je kind weet dat mat betekent: schaak waar je niet meer uit kunt.
Mat in ƩƩn
Je kind vindt de zet die de partij in ƩƩn keer wint.
Pat en remise
Je kind herkent pat en weet dat het gelijkspel is, geen winst.
Minispel: mat in 1 regen
Wereld 11: Rokadehaven
Breng je koning veilig achter een muurtje. Ā· vanaf 8 jaar
Twee stukken tegelijk
Je kind kan rokeren en weet waarom je het doet.
Kort en lang
Je kind kent het verschil tussen de korte en de lange rokade.
De vier voorwaarden
Je kind weet wanneer rokeren niet mag.
Minispel: breng de koning veilig
Wereld 12: Notatie-eiland
Hier leer je zetten opschrijven en teruglezen. Ā· vanaf 8 jaar
Elk veld heeft een naam
Je kind vindt een veld op naam, zoals e4 of h8.
Zetten opschrijven
Je kind leest en schrijft zetten als Pf3 en e4.
Hoe begin je een partij?
Je kind kent de drie openingsregels: centrum, ontwikkelen, rokeren.
Minispel: schrijf de zet
Wereld 13: Tactiekgrot
Twee vliegen in één klap. · vanaf 9 jaar
De dubbele aanval
Je kind valt met ƩƩn zet twee stukken tegelijk aan.
De penning
Je kind zet een stuk vast doordat er iets kostbaars achter staat.
Minispel: tactiekduel
Wereld 14: Eindspelduinen
Bijna niets meer op het bord. Nu moet je het afmaken. Ā· vanaf 9 jaar
De koning doet mee
Je kind weet dat de koning in het eindspel een sterk stuk is.
Mat met dame en met toren
Je kind zet mat met koning plus dame, en met koning plus toren.
De laatste pion
Je kind brengt een pion naar de overkant en maakt er een dame van.
Minispel: laatste pion
Beginnen?
De lessen zijn gratis en er is geen account voor nodig. Pip leest alles voor, dus je kind hoeft nog niet te kunnen lezen.